13 februari 2018

Interview jurylid Marijke Schaap: ‘Iedere CTF-editie is een soort pressurecooker weekend vol kadootjes en inspiratie’

Dit jaar viert niet alleen het CTF haar jubileum. Marijke Schaap is voor het vijfde jaar op rij jurylid en reikt, samen met Caspar Nieuwenhuis (artistiek directeur Likeminds), Heske van den Ende (producent ViaRudolphi), Niels van der Steen (choreograaf bij o.a. Dox/ISH) en Marc Maris (Stichting Jonge Harten), de CTF-juryprijs uit. Deze prijs wordt uitgereikt aan de artiesten die hun café het beste weten te bespelen en die de grootste potentie laten zien als aanstormend talent. Marijke vertelt over haar ervaringen als jurylid:

Hoe ben je als jurylid bij het Café Theater Festival terecht gekomen?
Ik werkte bij het Compagnietheater in Amsterdam als programmeur, programmamaker en begeleider van jong podiumtalent. Toen Alinde (artistiek directeur van het CTF) daar aanklopte met de vraag of wij iets voor elkaar konden betekenen ben ik gaan jureren voor het festival, als prijs bracht ik een speelplek in het Compagnietheater mee. Sinds 2015 ben ik niet meer werkzaam voor het Compagnietheater en ben ik gaan werken op de Academie voor Theater en Dans. Momenteel ben ik daar nog steeds werkzaam bij de opleidingen productie podiumkunsten en design & technologie als docent dramaturgie, hoofd van de scriptiecommissie en docent binnen het cultureel ondernemersplan. Daarbij ben ik bezig met een super spannende klus binnen de academie, namelijk het ontwikkelen van een nieuwe masteropleiding; DAS Creative producing – creative entrepreneurship in the arts (i.o.) Naast mijn werkzaamheden op de Academie voor Theater en Dans ben ik zakelijk leider van De Tekstsmederij, een talentontwikkelingsplatform voor toneelschrijvers.

Hoe is het om in één CTF-weekend zoveel theater te kijken? 

Doodvermoeiend. En héél erg leuk. Ik maak er ieder jaar weer een sport van zoveel mogelijk te zien. Het kost veel energie om iedere voorstelling op zichzelf de aandacht te geven die het verdient – vooral als het laat, vol, warm en benauwd is in het café. Maar het plezierige van het doelmatig kijken is ook dat het je dwingt kritisch te blijven kijken. Om iedere voorstelling op zichzelf te beleven en waarderen. Vervolgens gaan we me de jury in gesprek om interpretaties uit te wisselen, ervaringen te delen en ja, dan ook de voorstellingen naast elkaar te leggen. Op deze manier is iedere editie een soort pressurecooker weekend vol kadootjes en inspiratie.

Waar selecteer je op bij het jureren van de voorstellingen?

Het belangrijkste tijdens het jureren vind ik of iemand de specifieke omstandigheden van het spelen in een café weet te benutten en ook in te zetten. Kunnen de makers inventief omgaan met de eigenheden van het spelen in een café en kunnen ze de omgeving bespelen? Precies daar wordt het talent en de eigenheid van de maker zichtbaar.  Soms maakt een vervelende gast of een luidruchtige keuken de voorstelling tot een ware beproeving. Wanneer de maker de regie houdt en deze omstandigheden weet mee te nemen in de tone of voice en het verloop van de voorstelling, dan heb je bij mij gescoord. Daarbij kijk ik ook altijd naar de potentie van een groep – waar zit de uniciteit en kan een groep misschien doorgroeien tot maker van bijzonder werk in de toekomst?

Welke voorstelling is je het meest bijgebleven en waarom? 

Voorstellingen kunnen je om veel verschillende redenen bijblijven. Maar als ik er eentje moet noemen dan is het misschien wel de voorstelling die een aantal jaar geleden de derde prijs won. Het was een voorstelling in een café waar een aantal stamgasten graag de dienst uitmaken. De eerste vijf minuten van de voorstelling stond ik een beetje in de afwachtende stand, ‘niet helemaal mijn smaak’, dacht ik. Maar binnen tien minuten vond ik mezelf actief meedoen met de voorstelling, alsof ik daadwerkelijk in een rampsituatie was beland en met andere Utrechters moest onderduiken – het was 1 grote warboel aan rampen, het hele café op z’n kop. De stamgasten deden mee alsof het hun eigen feestje was. Niemand kon ‘ontsnappen’ denkend niet ‘niet mijn smaak’.  Je zat er als toeschouwer middenin.

Blijf je de groepen van het CTF na het festival nog volgen? Zo ja, welke groepen zijn dat dan?

Jazeker. Afgelopen jaren waren dat bijvoorbeeld de winnende groepen, mede ook omdat zij dan nog wat langer in mijn netwerk zijn blijven rondlopen. Maar het komt ook voor dat ik blij verrast één van de CTF-makers op een ander podium herken. Meestal krijg ik dan wel een nostalgische glimlach op mijn gezicht; díe ken ik nog uit het café!

Heb je nog tips voor de deelnemende theatergroepen?

Om eerlijk te zijn; ik ben niet zo van de tips. Ik ben een groot voorstander van eigen koers varen. Nu ja, misschien is dat dan wel mijn tip; blijf op eigen koers. Oorspronkelijkheid is een groot goed.